Bewuste agenten en de emergentie van ruimtetijd

Een bewijs uit het ongerijmde

Ik had het al eerder op deze website over professor Donald Hoffman – cognitief psycholoog – en over zijn boek ‘The Case Against Reality. How evolution hid the truth from our eyes.’ Toen ik dat boek enige jaren terug voor het eerst las had ik nog wel wat bezwaren tegen de manier waarop hij tot de tegenintuïtieve conclusie kwam dat de werkelijkheid niet is wat hij lijkt en dat onze zintuigen juist niet geëvolueerd zijn om de werkelijkheid te representeren. Dat kwam omdat hij, uitgaande van het neo-darwinistische evolutie denkbeeld van de overleving van het DNA van de beter geschikte drager daarvan, tot zijn conclusie kwam. En ik ben, zoals ik al vaker betoogd heb, geen fan van dat materialistische neo-darwinistische idee hoewel Hoffman’s eindconclusie wel weer goed aansloot bij de conclusies die ik uit de kwantumfysica trok.

Een bewijs uit het ongerijmde is het mooiste soort bewijs en ook het leukste

Maar ik zat fout. Wat ik niet besefte is dat Hoffman juist laat zien dat de neo-darwinistische hypothese uiteindelijk, via de toepassing van daarop gebaseerde speltheorieën, evolutionaire games, uitkomt bij een logisch conflict. Met het uitvoeren van vele op het neo-darwinisme gebaseerde evolutiegames (simulaties) op computers heeft hij aangetoond dat die hypothese zichzelf uiteindelijk in de voet schiet. Evolutiegames gebaseerd op voortplanting van de geschiktere voor overleving leveren consequent op dat evolutie altijd kiest voor de aanpassing aan onze zintuiglijke verwerking die het minste kost maar wel effectief is terwijl een waarheidsgetrouwe interne weergave van de werkelijkheid veel meer kost dan een simpele effectieve die niet per se waarheidsgetrouw hoeft te zijn. De heerlijke sappige appel die je ziet hoeft daarom dat in werkelijkheid niet te zijn, als jouw actie – pakken en opeten – maar gunstig voor jouw organisme uitpakt. Dus juist als neo-darwinisme zou kloppen kan jouw beeld van de werkelijkheid dat niet. Dat is toch redelijk absurd, niet?

Neuronen zijn niet de bron van het bewustzijn

Hoffman gaat dan verder en zegt dat het beeld dat we hebben gevormd van fysieke hersens en neuronen dus volstrekt niet klopt. Zijn volgende stap is dan de afwijzing van de hypothese dat jouw neuronen de bron zijn van je bewustzijn. Dat kunnen ze niet zijn omdat het beeld van hersens en neuronen dat ons visueel systeem produceert niet overeenkomt met de werkelijkheid. Verder is de grote – onoplosbare – vraag hoe fysieke neuronen bewustzijn produceren. Ze zijn er alleen als we er onze aandacht op richten. En dat is nu net precies ook de conclusie die ik trek uit het waarnemerseffect in de kwantumfysica. Als de waarnemer, simpelweg door waar te nemen, de werkelijkheid kan beïnvloeden – denk aan het experimenteel bevestigde veranderde gedrag van de kwantumgolf als we kunnen zien door welke spleet het elektron gaat – dan kan dat niet gedaan worden door jouw fysieke neuronen.  Dat zou eveneens een redelijk absurde aanname zijn. Hoffman en ik komen via verschillende wegen tot dezelfde conclusie.

Een netwerk van ‘Conscious Agents’

Hoffman stelt dus – net als ik en vele anderen – dat bewustzijn primair moet zijn en heeft een complete wiskundige theorie – samen met zijn team – opgebouwd dat een netwerk van interacterende bewustzijnseenheden, Conscious Agents (CA’s), beschrijft. Zijn uitgebreide artikel met de naam ‘Objects of consciousness’  van 2014  is op het internet makkelijk te vinden en te downloaden. Hij laat daarin onder andere op mathematische wijze zien dat meerdere interacterende CA’s weer een grotere complexere CA vormen. De mathematische beschrijving van de eenvoudigste CA blijkt – heel verassend – identiek aan de kwantumfysische beschrijving van een vrij deeltje. Zo is elk mens dus een complexe CA, samengesteld uit biljoenen cellen, die op hun beurt ook weer complexe CA’s zijn. Enzovoort.

Een Virtual Reality spel

De interactie van het gehele netwerk van interacterende complexe CA’s levert uiteindelijk de ruimtetijd op zoals wij die ervaren. Die ruimtetijd is daarmee dan ook een illusie die door die complexe CA’s wordt ervaren. Hoffman gebruikt nogal eens de virtual reality metafoor van een VR spel waarin de spelers zich aan elkaar voordoen als actiefiguren, avatars. Hij maakt vaak de vergelijking van onze zintuigen – niet alleen de ogen dus – met een virtual reality bril. In dat geval is dat wat wij ervaren als een object of persoon niet veel anders dan een groepje pixels dat gegenereerd wordt door het VR-systeem op het moment dat wij ernaar kijken. Wanneer wij niet kijken hoeven die pixels niet gegenereerd te worden en zijn ze er dus niet.

Dit verklaart ook de plooibaarheid van ruimte en tijd zoals die uit de speciale relativiteit tevoorschijn komt. Als ruimte en tijd een gegenereerde ervaring zijn dan kunnen we dat ineens beter begrijpen.

NB: Een pixel is de kleinste eenheid in een beeld op een computerscherm. Alles wat je op een computerscherm ziet is opgebouwd uit pixels.

pixels uitvergroot

Wat niet waargenomen wordt bestaat niet

Dit past dus naadloos in de bevindingen van de kwantumfysica dat het waargenomen object niet bestaat voordat het waargenomen wordt. Het object – de pixels – wordt gegenereerd op het moment dat wij onze aandacht erop richten en het ervaren. Het interview van André Duqum met Donald Hoffman – twee uur – is bijzonder interessant en goed te volgen want Hoffman legt zeer geduldig uit. Maar neem wel een rustig niet-storen moment voor het bekijken. NB: De term ‘Markovian kernel’ valt nogal eens in het interview. Dat is een mathematisch begrip dat gebruikt wordt in Hoffman’s CA-model. Vertaal dat rustig door het tweeweg filter dat elke communicatie-combinatie van zintuig met expressiemogelijkheid eigenlijk is. Een technisch woord voor wat door ervaren en reageren uitgewisseld wordt dus. We leven in een VR Game. Een absurd lijkende conclusie. Maar dat is geen reden om het spel niet serieus te nemen. Maar wellicht ook om er zonder grote angst en meer in verwondering en bewondering van te genieten.

Proof That Reality Is An ILLUSION: The Mystery Beyond Space-Time – Donald Hoffman

Het nieuwe boek is uit

Een korte stoomcursus kwantumwereld

Klik op de afbeelding voor de online beschikbaarheid

Op 11 juli geef ik een korte presentatie kwantumfysica in verzorgingscentrum De Rietvinck in Amsterdam. Die is wel besloten in principe. Maar de presentatie, een filmpje ervan van 7 minuten, heb ik op YouTube geplaatst zodat die daar door iedereen bekeken kan worden. Tegelijk maak ik daarmee reclame voor mijn nieuwe boek ‘Geest en Kwantumfysica‘. Het boek begint met een korte stoomcursus, de video hieronder is een sterk ingekorte versie van die stoomcursus. Als je die stoomcursus in het boek gedaan hebt, zou je de essays die de daaropvolgende hoofdstukken vormen met begrip moeten kunnen lezen.

Een korte introductie in de kwantumwereld en de illusie van de dingen.

Coherentie, decoherentie en de waarnemer van de toestandsgolf

De toestandsgolf is een kansgolf

De toestandsgolf in de kwantumfysica is het fenomeen dat uit de Schrödingervergelijking rolt, daardoor mathematisch beschreven wordt, en dat de kans voorspelt om het object, waarop die toestandsgolf betrekking heeft, op een gegeven tijdstip en locatie aan te treffen bij meting. In de kwantumfysica speelt de coherentie van die toestandsgolf een belangrijke rol. Wanneer de meting plaatsvindt eindigt de toestandsgolf en wordt het object waargenomen. Dat einde van die toestandsgolf wordt vaak decoherentie genoemd. Een goed begrip van wat onder coherentie en decoherentie wordt verstaan is dus belangrijk.

Een samenhangend fenomeen

Coherentie betekent samenhang. Om golfgedrag te kunnen vertonen is een vorm van samenhang nodig plus een kracht die naar de middenpositie streeft. Bij water is die samenhang de direct fysieke connectie van de watermoleculen. Het is de zwaartekracht die voor een terugkeer naar de middenpositie, het stille wateroppervlak zorgt. De zwaartekracht zorgt hier dus voor de terugkeer naar de middenpositie van de golf, de fysieke connectie, de coherentie, van de watermoleculen zorgt voor het doorgeven van de beweging.

Surface Wave Motion
Oppervlaktegolf in een vloeistof. De vloeistofdeeltjes voeren daarbij een cirkelvormige beweging uit. Er wordt dus geen vloeistof naar rechts getransporteerd door de golf.

Bij een geluidsgolf in lucht is de luchtdruk de kracht die naar middenpositie streeft. Die druk zorgt voor een terugkeren naar de middenpositie. In de middenpositie is de druk dus gelijk aan de omgevingsdruk. De samenhang bij geluid in lucht komt voort uit het voortdurende botsen van luchtmoleculen waardoor ze hun energie voortdurend uitwisselen. Een geluidsgolf is dus een coherent verschijnsel. Dat wil zeggen dat het medium de coherentie verschaft, net als bij een vloeistof.

Sound Wave GIF - Sound Wave - Discover & Share GIFs
Ook in een geluidsgolf worden er geen luchtmoleculen getransporteerd, alleen gebiedjes van hoge en lage druk. De geluidsinstallatie aanzetten zorgt niet voor een lagere druk in de kamer.© ar.inspiredpencil.com

Bij elektromagnetische golven, EM-golven, zoals licht, wordt de samenhang, de coherentie, verzorgt door het feit dat een veranderend magnetisch veld ook een veranderend elektrisch veld veroorzaakt. En andersom ook. Die veranderingen hangen dus nauw samen. De kracht die de EM-golf terug doet keren naar de middenpositie is wat lastiger. Elektrische en magnetische velden hebben de neiging om geleidelijk uit te doven als er geen elektrische resp. magnetische lading in de buurt is. Alleen hun wederzijdse dynamiek houdt ze dus in beweging. De kracht naar de middenpositie is daarmee een gevolg van de neiging tot het verlies aan dynamiek. Dat is weer een gevolg van de neiging van een elektrisch of magnetisch veld om zich in te ruimte met de snelheid van het licht naar alle kanten te verspreiden waardoor de plaatselijke sterkte snel moet afnemen. Dat een elektrisch of magnetisch veld zich in de ruimte op die manier verspreidt is een fundamenteel en ook onverklaard gegeven. We weten nog steeds niet eens wat het is. Alleen hoe het zich gedraagt.

Intro to SDR and RF Signal Analysis
EM-golf. De elektrische (E) en de magnetische (B) veldkrachten staan loodrecht op elkaar. De verandering in de elektrische veldsterkte veroorzaakt een verandering in de magnetische veldsterkte .. en andersom. Dat werkt alleen indien de golf beweegt met de lichtsnelheid.

De kwantumtoestandsgolf en de waarnemer

De kwantumfysische toestandsgolf is nog weer een stap lastiger. Het is voor zover we dat kunnen beoordelen en weten, een golf van potentie, van mogelijke waarnemingen, waarbij positie en beweging, de kansen daarop bij meting, elkaar afwisselen. Potentie is duidelijk immaterieel. Het object is er – nog – niet. Positie en beweging zijn strijdig met elkaar. Als de positie verandert dan is dat beweging. Zodra er beweging is, wordt de positie veranderlijk dus onzekerder. Zodra de positie zekerder is wordt de beweging juist minder. Heel kort door de bocht, stilstand is de afwezigheid van beweging, beweging is de afwezigheid van stilstand. Dat is daarom ook een vorm van samenhang tussen die twee fenomenen, positie en beweging, waarbij het willen kennen van zowel positie als beweging de terugdrijvende kracht is. In het willen kennen zien we meteen, hopelijk, de invloed van de waarnemer op zijn ervaring terug en begrijpen we misschien iets meer van het niet-materiële karakter van de toestandsgolf. Het is ook een prachtige expressie van het Yin en Yang principe.

Yin yang gif - Imagui
Yin en Yang, stilstand is de afwezigheid van beweging, beweging is de afwezigheid van stilstand

Verlies aan samenhang

Wat is nu decoherentie dan? Letterlijk is dat het verlies aan samenhang in het medium van de golf. Decoherentie is door veel fysici aangevoerd als het mechanisme waardoor de kwantumtoestandsgolf eindigt en het waargenomen deeltje verschijnt. Hier zitten verschillende aannamen in. Een belangrijke is die van het verdwijnen van de golf, de ineenstorting, door de invloed van de meting. Dat dat een aanname is blijkt uit het feit dat de toestandsgolf vóór de meting ook niet waargenomen kan worden. De golf is dus niet materieel. Kun je dan nog van ineenstorten spreken? Kan iets wat niet materieel is, er dus niet is in de zin die wij aan er zijn toekennen, ineenstorten? Zo’n plotseling verlies van samenhang zien we bij de golven die we wel kunnen waarnemen nooit tenzij we heel speciale maatregelen nemen waarbij we het medium waarin de golf zich voortplant plotseling wegnemen. In het luchtledig heb je geen geluid meer. Een meting zou dan, analoog, het medium waarin de toestandsgolf zich voortplant plotseling annihileren.

Decoherentie aanvoeren als een oorzaak van het verlies aan samenhang is een tautologische truc. De beschrijving van de gebeurtenis, de naam die we eraan geven, hanteren als een logische verklaring is een tautologie. Het regent omdat het regent. De golf verdwijnt omdat de golf verdwijnt. Decoherentie is slechts een label.

Een immateriële golf van potentie

Terug nu naar de, wat mij betreft meest waarschijnlijke, oorzaak van de overgang van de toestandsgolf, die golf van potentie, naar het waargenomene. Dat is onze waarneming, het overgaan van potentie in de realisatie, de bewustwording van het waargenomene. Dat is de invloed van de waarnemer. Wat niet wil zeggen dat de bewustwording van het waargenomene onverbiddelijk betekent dat het waargenomene concreet materieel bestaat. Denk maar eens aan dromen.

O ja, waarom we ervan overtuigd zijn dat de kwantumtoestandsgolf bestaat terwijl we die niet kunnen waarnemen, dat is vanwege al die dubbelspleet experimenten waarvan het resultaat alleen verklaard kan worden als het resultaat van een golfverschijnsel. Daarom.

Over de invloed van de waarnemer heb ik elders al het nodige gezegd. Dat is iets dat Einstein al vroeg inzag als consequentie van de kwantummechanica en het stond hem volstrekt niet aan. Hij gebruikte het voorspelde effect, dat simpelweg kijken de uitslag van het experiment beïnvloedt, daarom als argument voor zijn idee dat de kwantummechanica nog geen complete theorie kon zijn. Hij heeft in zekere zin gelijk gekregen door diverse experimenten die het door hem voorspelde waarnemer effect inderdaad aantoonden. De kwantummechanica klopte dus uitstekend. Jammer voor Einstein. Twijfelaars aan het waarnemereffect verwijs ik naar dit boeiende interview met professor Donald Hoffman die een overtuigend betoog voert voor het primaire bewustzijn dat in zijn ogen een netwerk is van bewuste agenten. Voor een artikel van hem hierover zoek op het internet naar ‘Objects of Consciousness’ of klik hier voor de pdf.

Verstrengelde neuronen?

undefined
Microtubuli in een gefixeerde cel

Kwantumverstrengeling is, als je goed kijkt, overal te herkennen, mits je maar goed kijkt. Kwantumverstrengeling zegt dat objecten die ooit met elkaar in contact waren, een gemeenschappelijke toestandsgolf delen en dat de waarneming van een van die objecten een onmiddellijk effect heeft op de andere objecten. Kunnen we kwantumverstrengeling in het dagelijks leven tegenkomen? Goede vraag. Volgens mij wel.

Microchimerisme in moeders

In de Scientific American van 2013 ontdek ik een artikel dat zegt dat cellen van het kind ook in het lichaam van de moeder terecht kunnen komen via de placenta om zich in het lichaam van de moeder te nestelen en daar vervolgens vele jaren voort te leven. Geen afweerreactie daar. Het verschijnsel heeft de naam microchimerisme gekregen. In he SA-artikel wordt uitgebreid beschreven hoe neuronale hersencellen in de hersens van de moeder terecht kunnen komen en daar dan tientallen jaren kunnen voortleven. De onderzoekers tasten in echter het duister over de reden van dit verschijnsel.

‘In this new study, scientists observed that microchimeric cells are not only found circulating in the blood, they are also embedded in the brain. They examined the brains of deceased women for the presence of cells containing the male “Y” chromosome. They found such cells in more than 60 percent of the brains and in multiple brain regions. Since Alzheimer’s disease is more common in women who have had multiple pregnancies, they suspected that the number of fetal cells would be greater in women with AD compared to those who had no evidence for neurological disease. The results were precisely the opposite: there were fewer fetal-derived cells in women with Alzheimer’s. The reasons are unclear.’

Witte bloedcellen houden van Playboy meisjes

Dan maak ik een sprong naar het controversiële onderzoek van Cleve Backster, een topspecialist in de toepassing van de polygraaf, de leugendetector. In een speelse bui bevestigde Backster de polygraaf aan een plant om te zien of de polygraaf iets liet zien als hij de plant water gaf. Geen duidelijk resultaat. Maar toen hij overwoog om een blad van de plant met zijn aansteker te verhitten reageerde de polygraaf, en dus de plant, heftig. Zijn interesse was onmiddellijk gewekt en hij bleef verder zijn hele leven dit soort experimenten doen. Bij een van zijn latere experimenten verzamelde hij witte bloedcellen uit de mond van een proefpersoon en koppelde die aan de polygraaf. De proefpersoon bladert dan even – niet gepland – door de Playboy en slaat een pagina op met Bo Derek. De polygraaf sloeg maximaal uit. De witte bloedcellen zijn blijkbaar nog gekoppeld aan het lichaam van de proefpersoon! Verstrengeling in actie.

Polygraaf uitslag van de reactie van afgenomen witte bloedcellen op het bekijken door hun verstrekker van een Playboy met een foto van Bo Derek. Uit ‘The secret life of Plants’.

Uit ‘Een andere kijk op planten

Dat planten niet alleen mechanisch of chemisch reageren, maar ook fysiek energetisch, is al bekend sinds Cleve Backster in 1968 zijn beroemde proeven met een leugendetector bij planten deed. Planten reageerden op alles in hun omgeving. Een leugendetector reageert op de elektronische veranderingen in een object. Bijvoorbeeld in de huid van een mens, maar ook in het blad van een plant. Planten bleken zelfs te reageren op emotionele verschillen die in hun omgeving optraden. Dus los van direct lichamelijk contact. Dat is telepathie en dat is op zich een onderwerp waar de geleerden het nog lang niet over eens zijn als het om mensen en andere dieren gaat. Laat staan als er wordt beweerd dat planten ook telepathische vermogens vertonen. Toch is er geen andere verklaring voor wat werd vastgesteld.”

Verstrengelde levende cellen

Als ik die twee verschijnselen – neurale cellen van hun kinderen in moederhersenen en witte bloedcellen die reageren op een gebeurtenis die zich afspeelt in het organisme waar ze vandaan komen – bij elkaar neem, dan wordt de reden van het eerste verschijnsel wellicht een stuk begrijpelijker. Als er zich in de hersenen van het kind reactie op een alarmerende situatie afspeelt, zullen de ‘verstrengelde’ neuronen in de moederhersenen ook vuren. De moeder krijgt een signaal dat er iets ernstigs aan de hand is met haar kind en dat ze snel moet ingrijpen. De verhalen over zulke moederinstincten zijn legio. Wellicht herinnert u zich nog wel verhalen van uw eigen moeder.

Kwantumverstrengeling en informatieoverdracht

Nu heb ik hier gesproken over verstrengelde neuronen die daardoor blijkbaar synchroon kunnen vuren. Dat is eigenlijk informatieoverdracht middels kwantumverstrengeling. Dat is iets waar Einstein hevig tegen protesteerde aangezien het de relativiteitswetten zou schenden. ‘Spooky Action at a Distance’. Kwantumverstrengeling is echter aangetoond, en nu algemeen aanvaard, via de vele Bell-experimenten. Er is zelfs een Nobelprijs voor toegekend. Maar kwantumfysici stellen expliciet dat kwantumverstrengeling niet gebruikt kan worden voor gegevensoverdracht omdat het verval van een kwantumtoestand in een meting (de kwantumcollaps) fundamenteel onvoorspelbaar is. Dat is echter geen bewezen feit maar een van de vele wetenschappelijke dogma’s waar beter niet aan getornd kan worden. Het waarnemer effect op de kwantumcollaps is zo langzamerhand een geaccepteerd feit onder kwantumfysici, maar niet zo dat de waarnemer een invloed zou hebben op de uitkomst van de kwantumcollaps.

Descartes weer?

Tekening van Descartes hoe de immateriele geest aangrijpt op de pijnappelklier

Het waarnemer effect is in parapsychologische experimenten ook onderzocht. De vraag was of mensen de uitslag van een kwantumexperiment kunnen beïnvloeden. De uitkomst in vele experimenten is bevestigend, vaak met een significantie die zelfs hoger is dan bij de bevestiging van het bestaan van het Higgs-deeltje. Dat zou een antwoord kunnen zijn op de vraag die sinds Descartes gesteld wordt: hoe een immateriële geest de materie – het lichaam – zou kunnen beïnvloeden, en andersom. Ook dat gaat weer in tegen algemeen aanvaarde wetenschappelijke dogma’s. Reden dus voor velen om het Cartesiaanse dualisme af te wijzen.

Maar als we die mogelijkheid eens zouden toestaan, dan openen zich interessante nieuwe perspectieven bij de studie van het bewustzijn. Beweegt u eens uw wijsvinger en vraagt u zich dan eens af hoe het mogelijk is dat die beweging tot stand komt door een gedachte. Het klassieke antwoord op die vraag is de computermetafoor die de neurowetenschappers hanteren. Uw brein is volgens hun een uiterst complexe geavanceerde parallelle computer die uw bewustzijn en daarmee dus ook uw gedachten genereert. Dus ook het zenuwsignaal naar uw wijsvinger. Probleem opgelost. O ja?

Het waarnemer effect is aangetoond

Die visie van de neurowetenschap wordt echter stevig tegengesproken door het waarnemer effect in de kwantumfysica. Voorafgaande aan de waarneming bestaat de materie nog niet. Dat is bevestigd door vele Bell-type en uitgestelde keus experimenten. Voor de verschijning van materie in een meting is een waarneming nodig. Aangezien de waarnemer nodig is voor de manifestatie van materie is het onwaarschijnlijk dat diezelfde materie waarnemers voortbrengt om dan zichzelf te manifesteren.

Als we de mogelijkheid kunnen erkennen dat de waarnemende geest ook invloed kan uitoefenen op de reductie van de toestandsgolf – de kwantumcollaps – dan kunnen we de Orchestrated Objective Reduction hypothese van Penrose en Hameroff dat het bewustzijn een product is van de kwantumcollaps in microtubuli – dat zijn microscopisch kleine structuren in levende cellen – in onze neuronen, wellicht beter maar eens op zijn kop zetten. Het bewustzijn is dan in staat, via de beïnvloeding van de kwantumcollaps in deze microtubuli, het wel of niet vuren van het neuron aan te sturen.

En zo beweegt mijn gedachte mijn wijsvinger. En worden moeders gewaarschuwd dat hun kind in gevaar verkeert. Magnifiek.

Subject, object en synchroniciteit

Binnen- en buitenwereld

Bij de kwantumfysicacursus die ik geef op de Academie voor Geestewetenschappen is het de bedoeling dat de cursist een essay schrijft over wat de kwantumfysica haar voor inzichten heeft opgeleverd. In een zo’n essay vermeldde een cursiste dat ze het interferentiepatroon dat ontstaat bij dubbelspleetexperiment goed kon begrijpen maar dat ze niet helder kreeg dat, zodra er bij één van de spleten waargenomen wordt, het interferentiepatroon verdwijnt. Nadenkend over het verschil tussen die twee experimenten realiseerde ik me dat het probleem wellicht zit in de subject-object positie die we doorgaans hanteren.

Het gewone tweespleten experiment – waar dus niet gekeken wordt door welke spleet het object of de kwantumgolf gaat – is een voorbeeld van het beleven van een experiment zoals we dat doorgaans doen. We kijken naar de wereld zoals we gewend zijn van kleins af aan, namelijk alsof de waargenomen wereld geen deel uitmaakt van onze binnenwereld.

Zodra er bij de spleten ‘gekeken’ wordt verdwijnt het interferentiepatroon. Er is nog maar één golf per foton. Met veel fotonen ontstaat dan een enkele lichtvlek midden achter de spleten.
Even terzijde, ik ga er van uit dat het de kwantumgolf is en niet het gematerialiseerde object dat door een dan wel door beide spleten gaat. Dat verklaart de waargenomen interferentie net zo goed en bevat dus niet de bijkomende en dus onnodige veronderstelling dat het object even in de spleet materialiseerde ondanks dat het daar niet rechtstreeks waargenomen is. De veronderstelling dat het object in de spleet materialiseerde heeft als oorsprong het foute idee van permanente materie die als we even niet kijken weer in een kwantumtoestand vervalt. De interpretatie dat de toestandsgolf een waarschijnlijkheidsgolf is zolang er niet gemeten wordt, is voldoende om de verschijnselen te verklaren zonder dat er tussentijds nog iets materialiseert. Als de toestandsgolf door één spleet gaat dan is de waarschijnlijkheid dat we het deeltje daar zouden hebben aangetroffen wanneer we daar echt hadden gekeken 100%. Een waarschijnlijkheid van 100% is echter een getal in onze geest en dus niet hetzelfde als een materiële aanwezigheid. Zekerheid is nog steeds geen materie.

Maar zodra we merken dat ons kijken iets doet in het experiment – de toestandsgolf verandert van gedrag, zelfs met terugwerkende kracht, en gaat nu slechts door één van de twee spleten – worden we zelf een onderdeel van het experiment. Onze geestelijke binnenwereld raakt verstrengeld, letterlijk, met de waargenomen materiële buitenwereld. Dat zijn we absoluut niet gewend. Het intellect – dat is de manier waarop wij de wereld interpreteren – begrijpt het niet meer en deinst terug. Verwarring ontstaat.

De illusie van een gescheiden binnen- en buitenwereld

Hoe is dat op te lossen? De redenering is op zich logisch. Einstein zag het al in 1920 (en het stond hem zeer tegen). Als je kunt constateren door welke spleet het deeltje is gegaan dan is het dus niet meer mogelijk dat het door beide spleten is gegaan, al is dat in de vorm van een waarschijnlijkheidsgolf. Die zaken sluiten elkaar uit. Volstrekt logisch. De golf conformeert zijn gedrag dus aan onze kennis van de wereld. En op dat cruciale moment beseft het intellect een schending van zijn Ik ben hierbinnen en de wereld is daarbuiten en beiden zijn van elkaar onafhankelijk’ zekerheid hetgeen resulteert in verwarring en niet begrijpen. Volgens mij is de enige oplossing hier om via rustige introspectie de logica van deze constatering binnen te laten komen. De aanvaarding van het idee dat binnenwereld en de buitenwereld verbonden zijn en elkaar beïnvloeden heeft tijd nodig.

De gebruikelijke interpretatie is dat het object materialiseert in de spleet wanneer de spleet wordt geobserveerd en daarna weer als kwantumgolf doorgaat op weg naar het scherm. Het resultaat – het verdwijnen van het interferentiepatroon – is niet te onderscheiden van het verwachte effect van de reductie van de golf tot één spleet. De binnenwereld van de waarnemer heeft in het eerste geval een iets ander effect op de buitenwereld, materialisatie van het object in de spleet in plaats van de reductie van de golf. Maakt dat uit? Niks.

Wie manifesteert nu het object als onze binnenwerelden gescheiden zijn?

Synchroniciteit begrepen

Met andere woorden, de buitenwereld is net zo goed een wereld van de geest. Hetgeen het verschijnsel synchroniciteit uitstekend zou kunnen verklaren. Hoe het mogelijk is dat wij – elk individu – een binnenwereld hebben die niet gescheiden is van de buitenwereld wordt dan verklaard door aan te nemen dat die individualiteit uiteindelijk ook een illusie is, een vorm van vernauwd perspectief. Daarmee is de consensus die voor Eugene Wigner een onoverkomelijk probleem vormde overigens ook verklaard.

Binnen- en buitenwereld niet gescheiden

Kijken bij de spleet in de praktijk

‘Kijken bij’ de spleten is overdrachtelijk bedoeld bij deze experimenten. We hoeven alleen maar vast te kunnen stellen door welke spleet het object ging. Dat wordt doorgaans gedaan door twee verstrengelde fotonen te gebruiken waarvan er één door de spleten wordt gestuurd.

Het principe van ‘kijken’ bij de spleet. Een – hoogenergetisch -foton wordt gesplitst in twee fotonen die in twee richtingen vliegen, de signal en de idler. De signal fotonen gaan door een dubbelspleet en zullen normaal een interferentiepatroon laten zien bij X1. Het idler foton draagt ook de pad-informatie van het signal foton. Als die informatie wordt vastgelegd verdwijnt de interferentie bij X1. Voor meer uitleg verwijs ik naar een andere pagina op deze website.

Drie spleten

Golfgedrag van de toestandsgolf vermindert met de toename van onze informatie.

De vraag van wat er gebeurt bij het ‘kijken’ bij één van de spleten bij een drie-spleten experiment is natuurlijk ook interessant. Die vraag wordt nogal eens gesteld op mijn cursus. We weten dan wel iets maar niet voldoende om te weten door welke spleet het object elke keer ging. Als we het object niet zien – kans van 2:3 – dan gaat de toestandsgolf door de andere twee spleten en zal er interferentie optreden. Als we object wel ‘zien passeren’ – kans 1:3 – dan reduceert de golf tot de geobserveerde spleet en is er geen interferentie. Het patroon van lichte en donkere banden, dat ontstaat wanneer we grote aantallen fotonen afvuren, wordt minder scherp. Hoe minder informatie we kunnen hebben over het gevolgde pad, hoe sterker het golfkarakter wordt. Hoe meer informatie we kunnen hebben, hoe sterker het deeltjeskarakter getoond zal worden. Dat is bevestigd in een Koreaans experiment dat ik elders bespreek.

Conclusie

De illusie is dus niet die van de ervaring van een illusionaire materiële wereld, de illusie is die van de gescheidenheid tussen het mentale en het materiële. Er is geen harde scheiding tussen binnen- en buitenwereld. Observatie: de binnenwereld is onmiskenbaar ‘echt’. De buitenwereld daarom ook.

De betekenis van wat moet worden opgevat als echt verandert dienovereenkomstig.

De wetten van de natuur

Waarom gehoorzaamt de natuur toch aan wiskundige formules?

PPT - Die Zeit t --- physikalisch PowerPoint Presentation, free ...
Galilei onderzoekt de valbeweging. Zijn assistent telt zijn hartslagen voor de tijd die de rollende bal nodig heeft.

Sinds Galileo Galilei kennen we het idee van de mathematische wetten van de natuur. Een natuur die zich aan de exacte mathematische formuleringen ervan houdt. Onveranderlijke dwingende voorschriften waar de natuur zich aan te houden heeft. Het is sinds Galilei mogelijk gebleken om mathematische beschrijvingen van die wetten op te stellen. Het is de taak geworden van de fysicus om die te vinden zodat we het gedrag van het universum met steeds grotere precisie kunnen voorspellen. En ja, de toekomst kunnen voorspellen, dat willen we maar al te graag. Daar heeft de kwantumfysica trouwens wel een spaak in het wiel gestoken maar de troost daar is dat de toekomst van grote voorwerpen nog wel goed te voorspellen valt, hoe groter hoe preciezer, maar in het kleine verliezen wij die mogelijkheid.

Een kleine greep uit die ‘wetten’ die wij sinds Galilei ‘ontdekt’ hebben:

  • Actie en reactie zijn even groot en tegengesteld.
  • De eerste wet van Newton – de traagheidswet: Een voorwerp waarop geen resulterende kracht werkt, is in rust of beweegt zich rechtlijnig, met een constante snelheid voort.
  • Behoudswet van energie en massa. De hoeveelheid massa (plus energie) in het universum is constant. Er komt niets bij er gaat niets af. Massa is gestolde energie.
  • Relativiteitswetten: De tijd gaat langzamer in een zwaartekrachtveld. Hoe groter de zwaartekracht hoe langzamer de klok tikt.
  • De tweede wet van de thermodynamica: De entropie van een gesloten systeem kan alleen maar afnemen. Dat betekent in eenvoudige woorden dat de samenhang van de onderdelen van dat systeem, omdat het gesloten is, noodzakelijk uiteindelijk in chaos vervalt.
  • Onzekerheidswet van Heisenberg: Hoe groter de precisie waarmee de plaats van een object vastgesteld kan worden, hoe kleiner de precisie wordt waarmee we de snelheid kunnen vaststellen. En andersom.
  • Kwantumwet: De plaats en de snelheid van een object in tijd kunnen worden beschreven als een golf van mogelijkheden. De toestandsgolf. Die golf is – zonder grenzen – uitgebreid in tijd en plaats. Het is een golf van potentie. De intensiteit van die golf op een bepaalde plaats en tijd geeft de grootte van de kans aan dat we het object op die plaats en tijd bij een waarneming met een (on)zekere snelheid zullen aantreffen. Dit is eigenlijk geen wet maar een uiterst succesvolle interpretatie van de betekenis van de oplossing van de Schrödinger toestandsvergelijking. Experimenten hebben bevestigd dat het object vóór die waarneming nog geen snelheid en plaats heeft. Het bestaat dus vóór die waarneming nog niet.

Al deze wetten – en meer – die de mensheid in de laatste eeuwen ontdekt heeft zijn in mathematische formuleringen vastgelegd. Het gedrag van de natuur kan blijkbaar beschreven met wiskundige formules. Eigenlijk is dit een volslagen passief beeld van het universum. Het kan alleen maar re-ageren. Het heeft geen keuze in zijn reacties. Deze reacties volgen dan ook langs onwrikbare vaste wetten die zich laten beschrijven met de wiskunde. Veel prominente fysici hebben daar al hun verbazing over uitgesproken. De algemene opinie is dat de natuur zich altijd en overal maar aan deze wetten heeft te houden. Basta. Dat is de bron van de volgende uitspraak van Pierre-Simon Laplace (1814).

We kunnen de huidige staat van het universum beschouwen als het effect van zijn verleden en de oorzaak van zijn toekomst. 

Een intellect dat op een bepaald moment alle krachten zou kennen die de natuur in beweging zetten, en alle posities van alle objecten waaruit de natuur is samengesteld, zou, als dit intellect ook groot genoeg was om deze gegevens aan analyse te onderwerpen,  in één enkele formule de bewegingen van de grootste lichamen van het universum en die van het kleinste atoom kennen.
Voor een dergelijk intellect zou niets onzeker zijn en de toekomst zou net als het verleden onmiddellijk bekend zijn.

Dat alles in principe voorspelbaar zou zijn betekende niet alleen het einde van het toeval en van de vrije wil, maar ook dat die demon van Laplace in feite machteloos is. Hij weet alles maar moet werkeloos toezien op het verloop van de gebeurtenissen. Je zou bijna medelijden met hem krijgen. De uitspraak van Laplace is van vóór de ontdekking van de kwantumfysica, die de onvoorspelbaarheid van de natuur op atomaire schaal tot fundamenteel verklaart, maar heeft nog steeds een grote invloed op het denken.

Dat de mathematische formuleringen die we gevonden hebben tot wetten gepromoveerd zijn illustreert de behoefte van de mens aan zekerheden. Als iets maar vaak genoeg gebeurt dan maken we daar een zekerheid van. Net als die kalkoen die iedere dag vers voer krijgt van de boerin, dat tot een wetmatigheid zou kunnen verklaren – tot zijn verrassing met Kerstmis. Rupert Sheldrake werpt ook in onderstaande presentatie de knuppel in het kalkoenhok door te verklaren dat de zogenaamde natuurwetten ook maar gewoontes zijn van de natuur.

Zelfs God doet er beter aan zich aan de natuurwetten te houden

Wat is de plaats van God in dit alles? Voor de God die ons door de meeste religies is voorgeschoteld lijkt dat niet heel veel anders dan die van die arme demon. Alleen kan die God dan wel ingrijpen. Wat betekent dat hij de wetten van het universum op dat moment terzijde schuift. Iets wat we liever niet hebben, aangezien dat ons machteloos maakt. Wij hebben liever dat God zich aan de wetten houdt, dan hebben wij tenminste nog de (schijn)zekerheid van de uitkomsten van ons handelen, al staan we dan tegenover een almachtige entiteit, nietwaar?

Het verleden wordt vastgelegd door de waarneming in het NU

In de uitgestelde keus experimenten, die ik ook op deze website elders uitvoerig bespreek, is vastgesteld dat pas op het moment van waarneming wat in het verleden is gebeurd NU wordt vastgelegd. Kijk ook naar mijn Schrödinger stopwatch in gesloten doos gedachte experiment. Dat is makkelijker te begrijpen en zegt hetzelfde. Het verleden wordt bij waarneming vastgelegd in overeenstemming met de kennis die op dat moment tot onze beschikking staat. Daarvóór bestond dat verleden nog niet,

Dat is de onontkoombare conclusie van de uitgestelde keus experimenten. Als wij bij het dubbele spleet experiment kennis kunnen hebben van de spleet waar het foton doorheen gaat dan zal de toestandsgolf die dat foton beschrijft ook alleen maar door één spleet gaan. Ook als die kennis pas later tot ons komt. Dat volgt uit de uitkomsten van de uitgestelde keus experimenten. Het kan natuurlijk niet zo zijn dat die uitkomst in strijd kan zijn met op later tijdstip opgedoken informatie. Dat zou een noodzakelijke aanpassing van het verleden en dus echte retro-causaliteit inhouden. Dat nog ongeziene informatie van invloed op de uitkomst van een experiment is, is een verbluffende maar onontkoombare conclusie. Het universum moet dus op de hoogte zijn van onze mogelijke kennis! Dit is inderdaad congruent met de wet van behoud van informatie die de kwantumfysici ontdekt hebben.

Kijken bij de spleet. Het object of zijn toestandsgolf manifesteert zich nu telkens in maar één van de spleten. Geen interferentie dus van elkaar ontmoetende golven. Wat de lichtvlek verklaart.

Overigens vormt dat creëren van het verleden bij waarneming ook een verklaring voor de schijnbare retrocausaliteit die optrad in de parapsychologische experimenten van Helmut Schmidt en Marilyn Schlitz waarvan ik er twee ( 1 en 2 ) uitgebreid beschrijf in mijn berichten.

Een intelligent en intentioneel opererend universum

Het universum zorgt er met andere woorden voor dat het allemaal achteraf klopt met de verwachtingen die wij ervan hebben op grond van beschikbare kennis, al is die op dat moment nog niet door ons gekend. Dat is wat mij betreft indrukwekkend intelligent gedrag van het universum. Het is dus op de hoogte van de kennis die tot onze beschikking staat en van onze verwachtingen op grond daarvan en zorgt er dan voor dat de gebeurtenissen met die kennis overeenkomen. Ook al ligt die kennis bij wijze van spreken nog ongezien maar wel beschikbaar in een la.

Dus die la is dan niet ongezien door het universum. En dat betekent dan uiteindelijk dan het Universum/God/de Bron/de Ene, wél een keus had en dus ingreep. Of dacht u soms dat die bron waar dit alles uit voorkomt geen keus had, dat die in hetzelfde parket zit als die betreurenswaardige machteloze demon van Laplace? Het universum grijpt dus voortdurend in op grond van mogelijke kennis – informatie dus – en onze verwachtingen.

De wet van behoud van informatie

En zo zijn we aangeland bij een wet die we niet genoemd hebben in het rijtje waar mee we begonnen. Een wet die de kwantumfysici in de loop van de vorige eeuw ontdekt hebben en net zo serieus nemen als de andere behoudswetten: Van een gesloten systeem is de totale hoeveelheid informatie constant. Fysici hebben ontdekt dat informatie een fysieke realiteit is en dus aan de behoudswetten moet voldoen. Ze drukken daarbij de informatie van een systeem uit in groepen van nullen en enen, bits dus.

Vertaal dat wat deze fysici onder informatie verstaan rustig in beschikbare kennis, de kennis die we kunnen verkrijgen over het systeem als we dat gaan onderzoeken. Maar ook die wet is dus niet een wet waar het universum maar blind aan heeft te gehoorzamen. Het is juist bijzonder actief bezig om ervoor te zorgen dat de beschikbare kennis klopt met wat er gebeurt.

De natuurwetten die wij ervaren zijn dus het gevolg van intelligent en intentioneel gedrag van Het Universum/God/de Bron/De Ene. Dat betekent dat die Bron alles wat er in het zichtbare en onzichtbare universum plaatsvindt tot in het allerkleinste detail in de gaten houdt en bestuurt, zodat wat wordt ervaren overeenkomt met de verwachtingen en kennis van elk waarnemend wezen in dat universum. En dat betekent mijns inziens dat als wij onze verwachtingen bijstellen, dat er geluisterd wordt.

Het wordt tijd om iets aan onze verwachtingen te doen

Onze verwachtingen zijn voor velen, op dit moment in de geschiedenis, die welke voortkomen uit het beeld van een verbijsterend groot maar volledig onverschillig universum, waar wij volslagen toevallig in verzeild zijn geraakt. Daarvan uitgaande zullen we er dan maar, in dat ene leven dat we hebben, het beste van moeten maken waarbij dat ‘beste’ sterk wordt beperkt door die oppermachtige onbuigzame natuurwetten. Het wordt daarom hoog tijd dat wij die verwachtingen bijstellen. Ik vermoed sterk op grond van het intentionele enoplettende karakter van het universum dat daarnaar geluisterd zal worden.

Elke waarnemer is een ander perspectief van én op het universum

En wat zijn wij, die waarnemers van het universum dan? Dat zou best eens het universum zelf kunnen zijn. Ik denk dat de gelijktijdigheid van al die waarnemingen daarbij voor het universum geen enkel probleem is. Het creëert de tijd immers zelf. Zie Schrödinger’s stopwatch. Het Unix operating systeem voor computers heeft daar overigens ook geen problemen mee vanwege de enorme snelheid van de processor, als ik daar een oneerbiedige vergelijking mee mag maken. Elke waarnemer is dan een eigen uniek perspectief van het universum op zichzelf, een bewust individueel kijkgaatje naar zichzelf.

Dat is meteen ook de oplossing van het consensus-probleem in de kwantumfysica dat Eugene Wigner – Nobelprijs winnaar natuurkunde – ertoe bracht om zijn overtuiging dat het bewustzijn een rol speelt in de reductie van de toestandsgolf – de kwantumcollaps – te laten varen. Hij verwarde zijn bewustzijn met dat van het universum.

The Healing Miracles of Jesus: A Study | Kenneth Copeland Ministries
Wonderen gebeuren echt. Elke dag. Overal.

Dat de natuurwetten regelmatig geschonden worden is eigenlijk overduidelijk. Dat is wat wij, die kijkgaatjes, wonderen noemen. Die zijn zo vaak en door meerdere getuigen beschreven en vastgelegd dat het tijd wordt dat wij meer gaan ‘geloven’ in Het Universum/God/de Bron/De Ene dan in die onveranderlijke onverschillige natuurwetten.

Met geloven bedoel ik echter niet dat het kritisch denken wordt opgeschort, integendeel.

Nog 1 aanmelding nodig voor de cursus Kwantumfysica

Op donderdag 2 november staat de start van de cursus ‘Kwantumfysica is niet Absurd‘ bij de volkshogeschool Den Haag gepland. Er is nog één inschrijving nodig om de cursus door te laten gaan. De locatie is vanaf het Centraal Station Den Haag in minder dan 10 minuten lopen te bereiken. Dus ook goed te doen voor diegenen die met het OV naar Den Haag zouden reizen.

Kwantumfysica en PSI

Kwantumfysica en psi klinkt op het eerste gehoor misschien als een vreemde combinatie. Maar bij nader inzien ligt de connectie zelfs voor de hand, overigens wel op een indirecte manier. De kwantumcollaps, de ineenstorting van de immateriële golffunctie en de manifestatie van het object bij waarneming, is een experimenteel vele malen bevestigd feit. Zolang je de materiele visie op de wereld, dat er slechts materie en energie is en meer niet, weigert op te geven zul je de wereld zoals de kwantumfysica die toont niet kunnen begrijpen. Berekeningen uitvoeren, dat wel en met groot succes, maar dat is niet hetzelfde als begrijpen.

“What I am going to tell you about is what we teach our physics students in the third or fourth year of graduate school…
It is my task to convince you not to turn away because you don’t understand it.
You see, my physics students don’t understand it…
That is because I don’t understand it.
Nobody does.”  

Richard Feynman  in een lezing over kwantumfysica.

Als we kunnen aanvaarden dat de wereld zich aan ons toont omdat wij haar waarnemen en dat we daarom een intrinsiek en noodzakelijk onderdeel van de wereld zijn wordt niet alleen de kwantumfysica begrijpelijk, maar ook psi want de wereld is in die visie primair mentaal. Kwantumverstrengeling zegt ons ook dat alles met elkaar verbonden is. Het zou nog beter zijn om hier het woord verbonden te mijden want dat impliceert gescheidenheid al is dat dan een gescheidenheid waarin alles met elkaar verbonden is. Alles is uiteindelijk één. Zelfs een kwantumfysicus zoals Heinrich Päs komt uiteindelijk tot die conclusie in zijn boek The One waar ik al eerder over schreef. Ook David Bohms Impliciete Orde is uiteindelijk een andere naam voor die ene bron waaruit alles, de expliciete orde, voorkomt.

Op die manier, als de geest nodig is voor materiele manifestatie en dus voorafgaat aan de materie zoals die in plaats en tijd aan ons verschijnt, wordt psi een zeer aanvaardbare en zelfs voorspelbare mogelijkheid. Als wij de wereld creëren, dan is het voor de hand liggend dat wij er ook invloed op uit kunnen oefenen. Talloze experimenten, zoals beïnvloeding van kwantumgeneratoren door intentie, hebben aangetoond dat psi een werkelijk effect is. En als wij door waarneming ook tijd creëren dan is het idee van het schouwen in de toekomst, iets dat in de psi categorie valt, ook niet zo gek. De kwantumgolf, zoals die uit de Schrödingervergelijking volgt, strekt zich uit in tijd zonder dat daar een eind aan te bespeuren valt. Dat eind, de kwantumcollaps, is het resultaat van waarneming, een actie die niet in die vergelijking te vangen valt. Dat wil dus zeggen dat de toekomst niet vastligt aangezien er nu eenmaal vele waarnemers zijn. Het schouwen in de toekomst is dus het schouwen van een mogelijke toekomst, iets dat gebeurt als wij geen actie ondernemen om die te voorkomen.

Sciencefiction als metafoor en voorspelling

In mijn jeugdjaren was ik een fervent lezer van sciencefiction. Sommige verhalen waren nog pakkender en op een of andere manier meer werkelijk dan andere zodat ik ze nog steeds kan navertellen. Waarom dat zo was, is denk ik omdat de schrijvers onbewust al een kijkje in de toekomst gaven. Het is altijd al de vraag waar schrijvers de inspiratie eigenlijk vandaan halen en dat zou dus best eens uit de toekomst kunnen zijn. De toekomst is een prachtige plek waar de schrijver een zeer grote vrijheid heeft in zijn keuze van de rekwisieten en de omgeving, wat helpt in het zodanig vormgeven van een verhaal dat het zo gelezen kan worden dat de lezer het verhaal ‘echt’ beleefd, zodat je er als het ware ingezogen wordt. Er zijn inderdaad veel voorbeelden van verhalen aan te wijzen waarbij het schouwen van de toekomst het geval lijkt te zijn. Denk aan de ondergang van de Titanic die tien jaar voor de ondergang in 1912 al opvallend accuraat in 1902 beschreven werd in ‘The Wreck of the Titan: or Futility’ door Morgan Robertson. Dat is geen sciencefiction roman zou je wellicht kunnen zeggen, maar het betrof wel een verhaal waar de toekomstige ontwikkeling van wetenschap en techniek een rol speelde. Een nabije toekomst, dat wel natuurlijk.

Een van de meer boeiende sciencefiction romans die ik las was ‘Deathworld’ van Harry Harrison, in het Nederlands in 1967 uitgekomen onder de naam ‘Doodsstrijd op Pyrrus’ bij Meulenhoff. Voor dat ik inga op toekomst voorspellende aspecten in sciencefiction een korte beschrijving van het verhaal.

De hoofdpersoon, de held, Jason dinAlt, heeft een psychische gave waarmee hij in zijn wat irreguliere bestaan voorziet door zijn winstkans in casino’s aanzienlijk te vergroten. Hij raakt verwikkeld in de strijd om het bestaan die gevoerd wordt in een menselijke kolonie op de planeet Pyrrus. Hij wint een fortuin in een casino bij een dringende opdracht, letterlijk met een pistool in zijn nek, voor een groep kolonisten van de planeet Pyrrus. Op zich al een spannende scène die het goed zou doen in een Hollywood film. De kolonie heeft namelijk grote behoefte aan geld om de strijd tegen de planeet te kunnen volhouden. Die strijd is er een tegen een natuur die zich met klauw en tand verzet tegen de kolonisten. Jezelf op straat begeven in de straten van de enige nederzetting is al levensgevaarlijk. De flora en fauna zijn razendsnel en uiterst dodelijk. Kinderen worden al in de kleuterklas hardhandig getraind in overlevingstactieken. Jason krijgt tot zijn schaamte een kleuter als beschermer en instructeur omdat dat nu eenmaal van levensbelang is voor hem. 
Jason komt intussen te weten dat er ook afstammelingen van weggelopen kolonisten zijn die er zonder geavanceerde technologie in slagen om die vijandige natuur te overleven en er zelfs te gedijen. De verhouding tussen de kolonisten en de weglopers is niet hartelijk, integendeel. Hij maakt contact met deze weglopers door eigenlijk te ontsnappen uit de nederzetting. Buiten de nederzetting aangeland merkt hij dat de hele natuur op Pyrrus psychisch is en dat al die psychische ‘energie’ tegen de nederzetting is gericht. De planeet is in feite hard bezig om een hardnekkige irritant te verwijderen van haar oppervlak. Die psychische energie is blijkbaar in staat om steeds mensvijandiger mutaties in de flora en fauna teweeg te brengen. De kolonisten hebben ooit die reactie van de planeet opgeroepen door destructief gedrag tegenover de inheemse flora en fauna, vertellen de weglopers hem. Jason brengt het contact op gang tussen de kolonisten in de nederzetting en de vermaledijde weglopers. De planeet is gesust als de mens maar respect voor de natuur toont. Eind goed al goed.

Er zijn vele voorbeelden waar sciencefiction een voorspelling deed die uitgekomen is. Is dat hier ook het geval? Welnu, het blijkt steeds overtuigender dat mutaties niet het gevolg van toeval zijn maar van een intelligente aanpassing aan uitdagende omstandigheden, en doet je dit verhaal bovendien niet ernstig denken aan de situatie waar de mensheid op dit moment duidelijk in verzeild geraakt is? Mij wel. De aarde begint te protesteren tegen onze aanwezigheid. Harrison zag het blijkbaar al aankomen in 1960. Psi en sciencefiction zijn een goede combinatie. Best wel.

Overigens, mijn nieuwe boek 'Quantum Physics & the Mind, a Crash Course' is uit.
Klik op de afbeelding voor meer info.

Yin en Yang

De waarneming veroorzaakt de manifestatie, 
de manifestatie veroorzaakt de waarneming.

Het eerste deel is kwantumfysica, het tweede deel is zo vanzelfsprekend dat we geneigd zijn om het verband niet te zien. Maar er is een rechtstreekse verbinding tussen de twee. Beiden lijken tegenstellingen en impliceren en initiëren elkaar. Het lijkt veel op het Yin-Yang-symbool voor gelijktijdige eenheid en dualiteit. Yin en Yang zijn geen echte tegenstellingen, maar complementair en vormen de realiteit, zoals observatie en manifestatie doen.

Wij zien de gebeurtenissen in de wereld als iets dat ons overkomt, maar de waarheid ligt dieper, wij zijn de auteur van ons eigen verhaal, maar we zijn zo verdiept in dat verhaal dat we ons auteurschap vergeten zijn.

De ervaring van een gedachte is het denken van die gedachte. Zie de overduidelijke parallel met het waarnemer effect.

Op het moment dat je je gedachten werkelijk in de hand hebt heb je ook je eigen verhaal in de hand. Dat is wat je zoekt te bereiken met meditatie.

Vandaar onze fascinatie met verhalen, zoals in een boek, een film, een toneelstuk. We zijn de verhalenverteller en de toehoorder tegelijk. Zelfs dromen zijn eigenlijk weer verhalen die we zelf creëren zonder dat we beseffen dat we die creëren. Op het moment dat we beseffen dat we dromen, dat we het zelf zijn die de droom creëren, dromen we lucide. Is de overgang van het sterven dan niet net zoiets? In de verhalen over het leven na de dood die tot ons komen via mediums lijkt het leven na de dood sterk op een overgang van een gewone naar een lucide droom.

The Realities of Heaven: Fifty Spirits Describe Your Future Home.
by Miles Allen.

Vragen naar de zin van het bestaan is vragen naar de zin van het luisteren naar en het creëren van verhalen, zoals naar de bioscoop gaan, een toneelvoorstelling bezoeken, het luisteren naar muziek, het lezen of schrijven van een boek. Vergaren van wijsheid.

Dit is de diepere boodschap van de kwantumfysica dus.

Een kwestie van gezond verstand

Voor een groot deel van de westerse mens, ook voor het meer spiritueel ingestelde, bevindt het bewustzijn zich in het lichaam en daarbij vooral in het hoofd. Voor een kleiner deel daarvan is het zelfs onbetwistbaar dat het ons hoofd is dat ons bewustzijn voortbrengt. Denk maar aan ‘Wij zijn ons brein’ van Dick Swaab. Voor al die mensen zou het volgende juist best eens een nuttige oefening kunnen zijn, bij voorkeur te doen op een rustig moment en een rustige plek waar de kans op afleiding klein is. Ga er eens rustig voor zitten dus.

Een oefening in lichaamsbewustzijn

Stap 1: Dit kan meteen de moeilijkste stap zijn in deze oefening. Realiseer je je namelijk dat de overtuiging dat er alleen maar materie en energie is en verder niets anders – materialisme – niet gebaseerd is op harde feiten. De kwantumfysica helpt je bij deze realisatie enorm. Lees ook ‘Why Materialism is Baloney‘ van Bernardo Kastrup. Realiseer je dus dat materialisme een geloof is dat je hebt verworven tijdens en door je opvoeding en dat je het hebt aanvaard alsof het een feit is.

Stap 2: Denk aan je lichaam. Ervaar het substantiële ervan. Realiseer je dan dat je bij dromen ook een substantieel lichaam lijkt te hebben dat actief is terwijl je ‘echte’ lichaam in diepe rust verkeert. Dat kan een lastige opdracht zijn voor mensen die zich hun dromen niet herinneren. Maar het is gebleken dat iedereen zich zijn dromen kan herinneren, het enige dat daar namelijk echt voor nodig is, is een vast voornemen bij het slapen gaan.

Stap 3: Realiseer je dat het lichaam dat je in je dromen ervaart een lichaam is dat zich in de geest bevindt terwijl je je, wanneer je wakker geworden bent, juist in dat lichaam lijkt te bevinden.

Stap 4: Bedenk dan dit: soms kan iemand dromen dat hij overlijdt. Tot zijn opluchting wordt de dromer dan wakker en kan dan even de tijd nodig hebben om de waarschijnlijk angstige droom van zich af te schudden. Die verwarring kan bij het wakker worden best even duren en zelf de rest van de dag nog wat verontrustend doorwerken.

Stap 5: Realiseer je dan dat het beslist niet onmogelijk is dat materie een product van de geest is. Daar helpt de kwantumfysica substantieel bij, mits je begrijpt wat die vertelt. Houdt die gedachte even vast als niet uit te sluiten mogelijkheid al ben je volstrekt van het tegendeel overtuigd. Dat is een belangrijk onderdeel van deze oefening in gezond verstand.

Stap 6: Als je die mogelijkheid kunt binnenlaten als gedachte, dat is volstrekt niet hetzelfde als de gedachte als waar accepteren, bedenk dan dat in dat geval het lichaam een product van de geest zou moeten zijn. De vraag waar de geest zich in het lichaam bevindt keert zich daarmee binnenstebuiten en wordt dan de vraag waar het lichaam zich in de geest bevindt. In dat geval zou het einde van het lichaam niet per se het einde van de geest kunnen betekenen. Mooie gedachte, niet?

Stap 7: Vraag je nu af wat er zou kunnen gebeuren met een geest die de vaste overtuiging heeft dat hij geproduceerd wordt door het lichaam, met name de hersenen, als dat lichaam ophoudt te bestaan. Denk aan de geestelijk behoorlijk ontwrichtende kortsluiting die daar zou kunnen ontstaan. Zoiets zou wel eens voor een onbepaalde tijd onaangenaam, zoiets als de hel, kunnen zijn.

Waarom dit nuttig zou kunnen zijn

Dat is de hele gedachteoefening eigenlijk. Waarom zou die nuttig kunnen zijn? Ik heb het sterke vermoeden dat als je die oefening hebt kunnen voltooien, liefst meerdere keren, hoogstwaarschijnlijk ontsnapt aan dat risico van de ontwrichtende kortsluiting die in de van er-is-alleen-materie overtuigde geest zou kunnen ontstaan bij de dood van het lichaam. Tenminste, gegeven dat de boodschap van de kwantumfysica, dat de materie een product is van de waarneming, inderdaad zou kloppen. En die boodschap wordt bij elk geavanceerd kwantumexperiment weer sterker bevestigd, vaak tot verrassing van de uitvoerders van het experiment.

Voorbereid zijn op eventuele verrassingen is niet onverstandig

Het doen van deze oefening, het even er de tijd voor nemen om iets te overwegen waarvan je wellicht geneigd bent om het zonder enig werkelijk nadenken reflexmatig te verwerpen, kan dus welzeker uiteindelijk een hele nuttige uitwerking hebben. Overweeg daarbij ook dat de enorme hoeveelheid gerapporteerde nabij-de-dood ervaringen, die zonder uitzondering vertellen dat de geest tot zijn grote verrassing nog bestaat en vaak enige tijd nodig heeft om zich te realiseren dat datgene wat hij meemaakt zijn eigen dood is, dus best eens op een heel grote fundamentele waarheid zou kunnen wijzen. Niet onbelangrijk dus. Gebruik je gezonde verstand, dat wil zeggen, herken reflexmatige tegenwerpingen voor wat ze zijn, vooroordelen namelijk, die al decennia in tegenspraak zijn met de door de moderne wetenschap vastgestelde feiten. Dat is moeilijk, maar beslist niet onmogelijk. En je hoeft niet van je geloof af te vallen, dat vraag ik hier niet, als je er maar van bewust wordt dat het een geloof is. Daarom ben ik zo dol op die kwantumfysica en haar relatie met de geest en raak ik er maar niet over uitgepraat.

De harde feiten over kwantumfysica op een rijtje

Voor degenen die nu nog even een opsomming zouden willen zien van die feiten, en de conclusies daarvan, die de kwantumfysica boven water heeft gebracht; houd je stoel vast:

  • Materie bestaat niet voordat het wordt waargenomen.
  • Voorafgaand aan de waarneming ervan is de realiteit een grenzeloos golfachtig veld van waarschijnlijkheden – of beter gezegd – mogelijkheden, dat niet in ruimte en tijd is begrensd.
  • Elke waarneming zet het universum ertoe aan om een unieke keuze te maken uit dit grenzeloze gebied van waarschijnlijkheden, zodat het onmiddellijk een object van materie of energie wordt. Dit is waarlijk creatie.
  • Waarneming creëert niet alleen materie of energie, maar doet dat ook in ruimte en tijd.
  • Ruimte en tijd zijn daarom niet onafhankelijk van onze waarneming, maar worden ook gecreëerd door onze observatie.
  • De uitkomst van elk experiment wordt beïnvloed door de informatie die het experiment kan verstrekken, maar wordt ook beperkt ook door de informatie die ons al ter beschikking staat. Dat kan een verklaring zijn voor het feit dat we er doorgaans met anderen over dat wat we ervaren het eens kunnen zijn.
  • Kwantumfysica is niet beperkt tot atomaire dimensies, het is van toepassing op elk object van elke grootte. Dit geldt zonder uitzondering voor alle bovenstaande verklaringen.
  • Als waarneming de realiteit creëert, is de waarnemende geest zeer waarschijnlijk nodig om de realiteit te creëren – inclusief haar geschiedenis – en kan daarom niet afhankelijk van het materiële brein zijn.
  • Alle objecten zijn, al vóór hun fysieke creatie door waarneming, onafhankelijk van hun onderlinge afstand in ruimte en tijd, immaterieel onmiddellijk verbonden. Dit wordt verstrengeling (entanglement) genoemd.
  • Als twee objecten een gemeenschappelijke geschiedenis hebben, wat dus eigenlijk onze informatie is, zullen ze aantoonbaar verstrengeld zijn.

Geloof dit vooral niet, denk zelf na, studeer. Gebruik je gezonde verstand, niet je neuronale voorgebakken reflexen.